”Zo leuk is mijn wijk dus. Er gebeurt hier zoveel.” Een gesprek met Willem van Beurden, wijkregisseur 1216 (Zuid West)
Woensdagochtend, buurtcentrum De Koepel, ik ben ruim op tijd voor mijn afspraak met Willem om 12 uur. Het is aardig druk. Ik haak even aan bij een groepje dames, die zitten te breien. De dame die ik spreek, vertelt: ‘Toen ik onlangs, na mijn pensioen, hier kwam wonen, heb ik dit breiclubje opgericht. Ik kende er niemand. En nu zitten we hier met zo’n acht tot tien dames elke week te breien.’ Ze is zichtbaar blij. Aan een andere tafel zit een groepje mensen met een licht verstandelijke beperking te kijken naar de Olympische Winterspelen op tv.
Als Willem mij de hand heeft geschud, moet hij eerst even wat dames gedag zeggen. Ze schenken soep in voor de groep die zich daarvoor aangemeld heeft. Willem is er weer en steekt direct van wal: “Zo leuk is mijn wijk dus. Er gebeurt hier zoveel.” Even later krijgen wij ook spontaan een kop soep met wat brood.
Leefbaarheid is een vak
Willem van Beurden is een betrokken wijkregisseur. Sinds oktober 2025 is hij actief in Zuidwest. Actieve bewoners zijn tevreden over de nieuwe wijkregisseur. Willem is geboren in Amsterdam, waar hij nog steeds woont met partner en twee pubers van 12 en 14 jaar. ‘Als je nog tips hebt …’ zucht hij licht. Met veel plezier heeft hij hiervoor zes jaar bij de gemeente Almere gewerkt en daarvoor zo’n 14 jaar op het provinciehuis in Lelystad.
Zijn vak is leefbaarheid. Leefbaarheid gaat over veiligheid, sociale cohesie en openbare ruimte. Van de bouw van het Circusterrein tot een bewonersinitiatief. Dat alles staat niet los van elkaar. Zijn rol is om dat te verbinden. “Kijk, hier in Kerkelanden kunnen kinderen nog gewoon op straat spelen. Dat is iets om te koesteren. Tegelijkertijd merk je dat inwoners soms bij dingen die niet goed gaan al snel naar de gemeente kijken. Dat is ook logisch: de gemeente heeft een grote rol. Maar leefbaarheid maken we samen. Het begint vaak dichtbij huis, bij jezelf, in je straat, in je buurt.”
Hoe willen we eigenlijk met elkaar samenleven? Willem geeft een persoonlijk voorbeeld: “In mijn straat woont al heel lang een oudere man. We hebben elkaar nog nooit gesproken. Laatst zag ik hem ineens met krukken lopen. Ik dacht: zal ik hem aanspreken? Misschien kan ik iets voor hem betekenen.” Hij deed het uiteindelijk niet. “Achteraf dacht ik: misschien had ik het gewoon moeten doen. Leefbaarheid zit soms ook in een klein gebaar, even oog hebben voor elkaar.”
Willem kijkt op en ziet een paar groenbeheerders van de gemeente langs lopen. Hij pakt zijn telefoon en belt een van hen, ‘Er is hier soep, kom je een kopje halen?’ De collega bedankt, hij was onderweg om een locatie te schouwen, misschien later.
Elke maand houdt Willem een leefbaarheidsspreekuur.* Laatst kreeg hij een vraag over fatbikes. Of hij niet een hekje kon plaatsen op het fietspad door KKL waardoor hun snelheid wordt verminderd. ‘Maar overal hekjes plaatsen, is niet de oplossing. De kern van het probleem is het gedrag van mensen. En het is maar welke inwoner je de vraag stelt over wat ze onder leefbaarheid verstaan. Voor de een is het rust en voor de ander een kroeg op de hoek.’
Hij geeft nog een voorbeeld. “Meldingen over jongeren gaan niet alleen over overlast, maar vaak ook over verschil in beleving. De leefwereld van jongeren ziet er nu eenmaal anders uit dan die van oudere bewoners. Jongeren zoeken elkaar op, praten misschien hard, hangen rond. Dat kan als storend worden ervaren, terwijl het voor hen vooral een manier is om elkaar te ontmoeten. En dan gaat het mij niet om de vraag of iemand het wel of niet terecht vervelend vindt,” zegt Willem. “Het gaat erom dat we begrijpen waar het vandaan komt.”
Tegelijkertijd constateert hij dat er in de wijk maar weinig goede, passende plekken zijn waar jongeren welkom zijn om samen te komen. “Als je geen ruimte organiseert, zoeken jongeren die zelf. Dat is logisch.” Het gesprek aangaan helpt om perspectieven dichter bij elkaar te brengen en samen te kijken wat wél kan. Kortom, leefbaarheid is een puzzel die je samen legt. “Tachtig procent van mijn werk is communicatie,” zegt hij. “Daarbij is het belangrijk om de menselijke maat voorop te zetten in hoe je met mensen spreekt, welke taal je gebruikt en hoe je informatie deelt.”
Wat Willem ziet in Kerkelanden
Een grote groep bewoners woont al jarenlang in de wijk. Zij voelen zich sterk verbonden met Kerkelanden en vinden elkaar onder meer in De Koepel, waar veel activiteiten worden georganiseerd. Ook de Buurtmobi speelt daarbij een belangrijke rol. Deze buurtmobiel brengt ouderen bijvoorbeeld van huis naar het winkelcentrum, waardoor zij mobiel en betrokken blijven.
Daarnaast zijn er veel actieve bewoners met ideeën voor hun straat of buurt. Daar kan Willem verbinden: mensen met elkaar in contact brengen, meedenken en soms net het juiste zetje geven. Op dit moment ziet hij veel beweging onder inwoners. Hij werkt samen met verschillende bewonersinitiatieven, zoals Kerkelanden Groent, Zuidwest in Kleur of Ons Kerkelanden. “Er zijn veel plannen en ideeën. De kunst is om die energie vast te houden en goed aan te laten sluiten bij wat de gemeente zelf ook van plan is, zodat we elkaar versterken.
Het Circusterrein als woonplek
Willem vertelt over het Circusterrein, waar hij momenteel intensief mee bezig is. Op die plek worden maar liefst 379 woningen gebouwd en komen dus relatief veel mensen te wonen. Er wordt ook een nieuw parkje aangelegd, pal naast de drie hoge, ronde seniorenflats. Dat roept vragen op: hoe gaan verschillende groepen dat park beleven? De één geniet misschien van samen buiten zitten met muziek, voor de ander is rust juist belangrijk. Wat verstaan we onder prettig wonen? En hoe maak je mensen bewust van hun eigen gedrag en de impact daarvan op anderen?
Daarnaast is hij in gesprek met de woningcorporaties die de woningen gaan verhuren. De vraag is hoe zij en de gemeente kunnen bijdragen aan een goede landing van nieuwe bewoners. Willem ziet voor zich dat ontmoeting vanaf het begin wordt gestimuleerd, bijvoorbeeld met een gezamenlijke activiteit in het park met de omwonenden. “Alles begint klein,” zegt hij. “En kleine dingen kunnen zich positief opstapelen. Maar het vraagt wel aandacht, want het kan ook de andere kant op bewegen.
Samenhang en samen doen: gemeente én bewoners
Tot slot vraag ik Willem waar hij zelf nog graag beweging in zou willen zien. Zonder aarzeling antwoordt hij: “Dat we als gemeente plannen voor de wijk zoveel mogelijk in samenhang maken, en liefst mét de wijk. Als we bijvoorbeeld aan de slag gaan met het nieuwe fietspad, kijk dan meteen hoe dat zich verhoudt tot lopende initiatieven of wensen in de wijk. Breng het in lijn met elkaar. Werk vanuit een duidelijke visie.“
Wat hem enorm motiveert, is dat er zoveel mensen zijn die zich inzetten voor een ander en voor hun buurt. Vooral de ‘lastige’ inwoners inspireren hem. Dat zijn de mensen van wie anderen soms zeggen: ‘Daar heb je hem of haar weer.’ Maar als je goed naar ze luistert dan zit er in de kern bijna altijd een punt dat het waard is om serieus te nemen.” Willem voegt daaraan toe: “Ik ben eigenlijk pas echt tevreden als juist die ‘lastige inwoners’ zich gehoord voelen en tevreden zijn. Want als het daar lukt, dan weet je dat je op de goede weg bent.”
Willem moet plotseling weg. Ik zeg hem gedag en ruim mijn spullen op. Als ik opkijk, zie ik zijn jas en tas nog op zijn stoel staan. Even later word ik gerust gesteld. ‘Hij staat vast alweer ergens te praten met een groepje inwoners. Dat is Willem, hij komt zo weer terug. Hij is altijd met ‘6000 dingen tegelijk bezig’.
* Leefbaarheidsspreekuur Hilversum Zuidwest
De eerstvolgende spreekuren zijn
- 26 maart van 10 – 12 uur, Nieuw Kerkelanden
- 23 april van 10 – 12 uur, Erasmuslaan 85a

